Donderdag 12 oktober 2017 • FokkerTerminal Den Haag

Langer doorwerken hoeft geen probleem te zijn

13 september 2017

De pensioenleeftijd is verhoogd naar 67 en zal de komende jaren nog verder worden verhoogd. Dan dringt zich al snel de vraag op hoe we de inzetbaarheid van oudere werkenden op peil zonder het werkvermogen uit het oog te verliezen? Vooral nu cijfers over het werkvermogen laten zien dat gerichte interventies nodig zijn om het werkvermogen ook op hogere leeftijd op peil te houden.

 

Wat is de werkvermogenindex?

Het werkvermogen meet de mate waarin een medewerker zowel lichamelijk als geestelijk in staat is zijn of haar huidige werk uit te voeren. Het meten vindt plaats door de medewerker de vragenlijst van de Work Ability Index (WAI) te laten invullen.

De WAI heeft een hoge voorspellende waarde voor ziekteverzuim, productiviteitsverlies en arbeidsongeschiktheid. Werkgevers zetten de WAI in toenemende mate in om een goed beeld te krijgen van het werkvermogen. Zo kunnen zij nagaan of gerichte interventies nodig.

 

Twee variabelen zijn van grote invloed op het werkvermogen: is de aard van het werk fysiek of niet en het opleidingsniveau. Vaak gaat een laag opleidingsniveau samen met een hoge mate van fysieke arbeid. Dit komt ook overeen met de cijfers uit de WAI-database. Daaruit blijkt dat bijna 1 op de 4 werknemers met een laag opleidingsniveau een slecht tot matig werkvermogen heeft. Voor hoger opgeleiden is dit 11,8%. Voor de groep werknemers die fysieke arbeid verrichten zien we een soortgelijk beeld, (19,6% van de werknemers levert zware fysieke arbeid tegenover 11,2% die geen zware fysieke arbeid verricht). Voorstel:  Van diegenen die vooral fysieke arbeid verrichten, heeft 19,6 procent een slecht tot matig werkvermogen tegenover 11,2 procent van hen die vooral geestelijke arbeid verrichten. Uit internationaal en Nederlands onderzoek weten we dat wie een slecht of matig werkvermogen heeft, een aanzienlijk grotere kans heeft om zijn of haar pensioen niet werkend te halen.

 

Goed werkgeverschap

In Finland is er veel ervaring opgedaan met de WAI. Daar is de WAI al sinds de jaren 80 van de vorige eeuw een toegepaste index. Daar kunnen we veel van leren. Langer doorwerken is geen ‘one size fits all’. Generieke interventies en algemene campagnes werken niet. Gerichte interventies zijn nodig, gebaseerd op persoonlijke situaties van werknemers en individuele werkvermogensscores.

 

Als het gaat om ‘goed werkgeverschap’, langer doorwerken en duurzame inzetbaarheid, zou iedere werkgever zich moeten afvragen welke vroegtijdige maatregelen nodig zijn om medewerkers voor te bereiden op langer doorwerken. En iedere werknemer zou zich moeten afvragen wat hij of zij nu al nodig heeft om later langer te kunnen doorwerken. Samen kunnen werkgever en werkende daarin hun verantwoordelijkheid nemen. Zo werk je samen aan een verantwoord duurzaam inzetbaarheidsbeleid, waardoor langer doorwerken geen probleem hoeft te zijn.

BEDRIJVEN BENCHMARKEN MET DE WAI-DATABASE

Alle ingevulde WAI-vragenlijsten worden geanonimiseerd opgeslagen in de nationale WAI-database bij kwaliteitsorganisatie Blik op Werk. Deze database biedt de mogelijkheid te benchmarken met gegevens van ruim een kwart miljoen werkenden.

 

Om een beeld te krijgen van het toekomstig ziekteverzuim en productiviteitsverlies in de organisatie, laten bedrijven hun werkvermogenscores benchmarken met de nationale data. Zo krijgen zij een goed inzicht op waar verbeteringen nodig zijn.

Catrien Funke
Organisatie: Blik op Werk

 

Meer weten? Kom naar de Blik op Werk stand op 12 oktober op HR Live.